Ideeënplein

Nog geen stemmen

YWM - Ijsbrekers

JesseR
Thema: Spelletjes

Wie – Wat – Waar - Waarom Spelletjes

Wie?

Wie zit er in de doos?

Dit spel is heel simpel – zolang je doos maar groot genoeg is. Ga eens kijken in een winkel in de buurt voor een grote doos, of koop misschien eens een nieuwe koelkast (grapje!).

Verstop iemand van de leiding in de doos, zonder dat de rest van de groep weet wie er verstopt zit. Om er zeker van te zijn dat de groep niet gewoon raad wie er in de doos zit, door te kijken wie ze missen, kan je best nog enkele andere personen even ergens anders laten verstoppen terwijl het spel gespeeld wordt. Vertel ook niet dat het iemand is van de leiding die in de doos verstopt zit. (Je kan eventueel ook een tiener verstoppen).

Leg uit dat de groep moet proberen te raden wie er in de doos verstopt zit, door hem/haar vragen te stellen, waarop de persoon in de doos moet antwoorden door op de doos te kloppen – 1 maal als het antwoord ‘ja’ is, 2 maal als het antwoord ‘neen’ is. Iedereen in de groep moet om de beurt een vraag stellen. Zeg tegen de groep dat ze hun vragen vaag moeten houden, en dingen moeten vragen over wat de persoon leuk of niet leuk vind, en geen persoonlijke, specifieke vragen. Je kan dit spelletje elke week spelen, telkens met een andere persoon in de doos, of gewoon een hele avond door.

Wat?

Wat zit er in de mixer?

Verzamel op voorhand enkele ingrediënten (voedsel en drank), die je normaal gezien nooit samen zou gebruiken. Mix ze in een mixer tot je een vieze, kleurige brei krijgt. Zorg ervoor dat er minstens 1 ingrediënt bij zit dat vloeibaar is, zodat het mengsel goed drinkbaar is.

Giet je heerlijk brouwsel in bekertjes, zodat iedereen van de groep eens kan proeven van wat je geproduceert hebt. Geef iedereen pen en papier, en laat iedereen nu individueel proberen raden wat er allemaal in het brouwsel zit. Je kan eventueel wel vertellen hoeveel ingrediënten erin zitten, maar geef voor de rest geen tips, enkel als ze echt vast zitten.

Een variant die je zou kunnen proberen is, als je genoeg mixers hebt, dat je meerdere brouwsels maakt, waarbij je de groep vertelt welke ingrediënten er allemaal gebruikt zijn, en zij moeten uitzoeken welke ingrediënten gebruikt werden in welk brouwsel. Zorg ervoor dat je eerst checkt dat niemand in je groep allergieën heeft. Hou hier zeker rekening mee!  

Waar?

Verdeel de groep in teams. Geef elk lid van elk team een specifiek item waarnaar hij/zij opzoek moet gaan. Verstop dit item op voorhand ergens in/rond de locatie waar je samenkomt. Zorg ervoor dat je voor elk lid van elk team een voorwerp hebt. Bijvoorbeeld, als je 1 van de voorwerpen een opblaasbare banaan is, zorg er dan voor dat je voor elk team 1 opblaasbare banaan verstopt hebt, zodat elk team elk item dat op de lijst staat kan vinden.

Verdeel je groep in teams op basis van de locatie (klein/groot) en het aantal voorwerpen dat je hebt. Zorg er zeker voor dat elk teamlid minstens 1 voorwerp heeft dat hij/zij moet vinden. Leg uit dat het een team race is, en dat er 1 voor 1 aan elk teamlid gezegd zal worden welk voorwerp hij of zij moet gaan zoeken, en naar de leider moet brengen. Pas als het teamlid zijn/haar voorwerp gevonden heeft, krijgt het volgende teamlid zijn/haar voorwerp gezegd dat gevonden moet worden. Enzovoort tot heel het team alle voorwerpen op de lijst heeft gevonden. Het team dat als eerst al zijn voorwerpen naar de leiding heeft gebracht, wint.

Zorg ervoor dat alle voorwerpen heel goed verspreid liggen, en dat de voorwerpen in een zo vreemd mogelijke vorm of plaats voorkomen.   

Waarom?

Heb je mevrouw Marple gezien?

Ga met je groep in een cirkel zitten, en leg uit dat er in dit spel 2 belangrijke regels zijn. Ten eerste, je tanden je tanden niet laten zien, en ten tweede, je mag alleen maar wijzen met je elleboog, en niets anders. Met deze 2 regels in het achterhoofd kan je nu uitleggen hoe het spel in zijn werk gaat.

Persoon A vraagt aan de persoon naast hem: ‘Heb je mevrouw Marple gezien?’ waarop persoon B antwoordt: ‘Mevrouw Marple?’ Persoon A: ‘Ja, heb je mevrouw Marple gezien?’ Persoon B: ‘Ik weet het niet. Ik zal het eens aan mijn andere buur vragen.’

Dit blijf je zo doen, totdat iemand zijn tanden laat zien. Als iemand dit opmerkt, mag hij of zij, met zijn/haar elleboog wijzen naar de persoon en roepen: ‘tanden, tanden!!’ Net hetzelfde mag je, wanneer iemand met zijn/haar vinger wijst, naar deze persoon wijzen met de elleboog en roepen: ‘vinger, vinger!!’.

Iedereen die zijn tanden laat zien of met zijn vinger wijst tijdens het spel, ligt uit de cirkel. Zo kom je uiteindelijk tot een winnaar. 

Geef een reactie